De kop is er af.

Eindelijk was het zover. Instappen voor mijn eerste vlucht. Nog steeds uit Duitsland maar gelukkig wel Zuid. Na een gedegen opleiding, waarbij de nodige verliezen werden geleden, kon het dan beginnen. Opvallend dat veel jaarlingen achterblijven. Ook een jong die afgelopen jaar 2 keer de eerste pakte, waaronder de 1e op Champagne, is waarschijnlijk gesneuveld op het veld van eer. Nog meer opvallend is dat je van de achterblijvers geen bericht krijgt. Zaterdag dus Dreis Bruck. Al eens eerder gevlogen in 2019 en toen al geen beste ervaring met behoorlijk achterblijvers. Wat dat betreft leek het dit weekend wel een copy van 2019. Achterblijvers waaronder een ervaren duif van 2018. Zonde. De lossing vond plaats om 10.50 uur. Op de satellietfoto was te zien dat in de omgeving van Dreis Bruck de lucht nog niet helemaal schoon was. Maar goed, ik ben geen expert. In ieder geval kwamen de eerste duiven redelijk. Twee redelijk vroege duiven en toen was het wachten geblazen. Om een lang verhaal kort te maken, een concoursduur van bijna een half uur hoort niet bij een vitessevlucht. Tevreden?. Nee dus. Ik blijf bij mijn menig dat we in Duitsland niets te zoeken hebben. Toegevoegde waarde is nul, komma, nul. Omdat we vanaf nu weer de “normale” vliegrichting op gaan. Mijn mening wordt overigens door héél veel leden gedeeld. Kijkend naar de afdelingen 8 en 11, daar was het verloop vele malen beter dan bij ons.  Mijn eerste duif was een zoon van de Belg 96. Hij kwam samen met een jaarlingduivinnetje en samen bedreven ze op de klep het liefdesspel. Het duivinnetje was overigens op een africhting ook eens mijn eerste met een paar minuten vooruit. Zij komt uit een doffer van de combinatie Ottens met een duivin van Gerrit Jager. Misschien wordt het wel wat.

GPS.

Wat mij interesseert zijn de gegevens die duiven met GPS laten zien. Van diverse mensen hoor ik dat duiven meteen na lossing de westkant opzoeken. Een vreemd gegeven. Kijkend naar onze afdeling vond ik het al raar dat ondanks de Zuidoost lossing, de duiven uit de Westkant kwamen. En dat niet alleen afgelopen weekend. Blijkbaar lijkt de opleiding die de duiven in hun jeugd gevolgd hebben, van invloed op de rest van hun vlieg carrière. 

Jongen.

Afgelopen weekend is de eerste ploeg voor de 3e maal geënt tegen paratyfus. En het moet gezegd, tot nu toe doen ze het voortreffelijk. Slechts 1 uitvaller valt te betreuren en eentje die ergens anders is gaan wonen. Nog steeds 30 stuks aanwezig. Door 19 roekennesten in de buurt zijn mijn duiven niet de meest aantrekkelijk buit voor een roofvogel. Bij het minste geringste gaan ze met veel lawaai de lucht in om indringers op een “nette” manier ergens anders naar toe te begeleiden. Dat is bij andere liefhebbers wel anders. In mij kennissenkring zijn sommigen al de helft van de jongen kwijt. Het is iets waar de duivensport onder lijdt. Velen hebben de klok aan de wilgen gehangen vanwege de roofvogelproblematiek. Kweken en vervolgens alles weg genomen zien worden werkt bepaald niet bemoedigend. Net als Duitsland vliegen overigens. 

Komend Weekend

Gaan we naar Chimay. De eerste midfondvlucht. Het lossen kon wel eens een complex verhaal gaan worden zoals het nu lijkt. De overgang naar een ander weertype zorgt meest voor vreemde omstandigheden. We gaan de duiven weer goed voorbereiden. Eentje kwam zondag totaal kapot terug. Die zal een tijdje rust hebben moeten. De rest zat vanmorgen in de ren lekker in bad. Dit vind ik altijd een goed teken. We gaan het zien. 

Bladwijzer de permalink.

Reacties zijn gesloten.